vrijdag 26 november 2010

Bamboe pret:

We hebben de tempels van Anchor, een zwembad en massa's westerse luxe achter ons gelaten en zijn ondertussen aangekomen in Battambang, de tweede grootste stad van Cambodja. De afstand tussen Siem Reap en Battambang hebben we afgelegd met de boot. Lonely Planet omschrijft de trip als "Cambodia's most spectacular boat journey" wat absoluut niet overdreven is. De tocht duurt, afhankelijk van seizoen en wellicht nog een honderdtal andere factoren, tussen de 4 en de 12 uur, je hebt bij vertrek geen enkel idee hoelang de vaart zal duren. 
Om zeven uur 's morgens staan we aan het Tonlé Sap meer klaar voor vertrek. De helft van de passagiers en àlle  bagage  krijgen een plaatsje op het dak van de oude schuit, wij zoeken een plaatsje benedendeks.  Als we vertrekken voelen we dat de boot bovendeks veel te zwaar geladen is, bij iedere ruk aan het roer helt de boot gevaarlijk over. De Cambodjanen zijn er blijkbaar erg gerust in, wij dus ook maar.
De wereld die traagjes voorbijtrekt geeft een unieke inkijk in het leven van de vissersbevolking en andere "waterbewoners". Hele dorpen drijven hier letterlijk op het water. Drijvende huizen, drijvende scholen, tot zelfs tempels dobberen hier op het water. De boot vaart soms over uitgestrekte watervlaktes om wat later te navigeren tussen smalle doorgangen tussen bomen en doornstruiken in ondergelopen moerasgebieden. Van bescheiden watervilla's tot arme families die in kleine groepjes een nomadisch bestaan leiden op het water, de hele tocht lang zien we taferelen die compleet nieuw zijn voor landrotten als ons. Na een zeer vervreemdende tocht die zeven uur duurt valt de motor op amper één kilometer van Battambang stil, de bemanning heeft blijkbaar te weinig diesel getankt.








Ook al is Battambang Cambodjas tweede grootste stad, de sfeer is er zo relaxed als in een Vlaams dorp op zondagochtend. Enkele kilometers buiten het centrum ligt een oude spoorweg die nog maar sporadisch door gewone treinen gebruikt wordt. De bewoners in de dorpen langs de spoorweg hebben dan maar een eigen uniek transportmiddel uitgevonden. Men neme: twee assen met stalen wielen, een stalen frame met bamboelatten op, een motor en een aandrijfriem en men heeft... een bamboetrein. Een licht en makkelijk demonteerbaar vervoermiddel dat tegen een behoorlijke rotvaart zowat alles wat transporteerbaar is over de schots en scheve spoorlijn vervoert. Omdat er maar één spoor ligt werken ze met een eigen voorrangsysteem. Als twee treintjes elkaar moeten kruisen wordt de minst geladen trein snel gedemonteerd en langs de kant gelegd. Een minuut later zijn beide weer op weg. Een handig transportmiddel voor de lokale bevolking, een geweldige kermisattractie voor toeristen.






Mijnen blijven een ontzettend groot probleem in Cambodja. Er zouden naar schatting nog zo'n zes miljoen actieve exemplaren verspreid liggen over het land. Iedere maand nog worden tientallen mensen, vaak kinderen slachtoffer. Ook al voel je bij de bevolking een sterke veerkracht om het land terug op de goede sporen te krijgen, het Rode Khmer regime blijft door de mijnen als een spook over het land dwalen. Het land ontmijnen zal nog tientallen jaren duren, nog duizenden Cambodjanen zullen sterven of ledematen verliezen
.

In het land zijn nog steeds zeer veel ngo's actief, traditioneel rijden de hulpverleners rond in luxe terreinwagens. Aan de markt van Battambang vonden we dit fraai Belgische exemplaar. Geschonken door België, maar door wie of voor welke organisatie is ons volstrekt onduidelijk.




1 opmerking:

Hilde en Luc De Backer-Bauwens en kids zei

En je bent zeker dat je je daar volledig veilig voelde op dat bamboetreintje?
In ieder geval weer prachtige foto's om dan nog te zwijgen over die vertelstijl. Om bij weg te dromen...
Vele groetjes
Hilde, Luc en kids